Hoefbevangen.

Wat is….

a44Hoefbevangenheid is een aandoening die meestal voorkomt aan de voorbenen. Het is een ontsteking van de lamellen in de verbinding tussen de hoornschoen en het hoefbeen. Zoals bij alle ontstekingen ontstaat een zwelling, hier tussen de hoornschoen en het hoefbeen. Voor deze zwelling is geen ruimte, waardoor zij tot een hevige pijn leidt.

Hoefbevangenheid is een zeer ernstige ziekte waarover de meningen sterk zijn verdeeld.

 

Oorzaak en behandeling….

De acute hoefbevangenheid uit zich in een plotseling optredende ernstige kreupelheid, veroorzaakt door een zeer pijnlijk proces in de hoeven. Dit proces ontwikkelt zich meestal gelijktijdig in de hoeven van de beide voorbenen. Hoefbevangenheid aan alle vier de benen of aan de beide achterbenen komt minder vaak voor.

Afhankelijk van het antwoord op de vraag in welke hoeven de hoefbevangenheid is opgetreden, ontstaan een typische gang en vooral stand. Het paard probeert de druk op de voorvoeten zo klein mogelijk te doen zijn door op de achterhand te “hangen”. Hoefbevangenheid is zeer pijnlijk; het paard weigert te bewegen.
De meest voorkomende stand is die waarbij het paard de beide achterbenen ver onder het lichaam zet en de beide voorbenen strekt om zodoende het toongedeelte in de voorbenen te ontlasten. Ook wil de voet niet meer over de teen rollen. Het paard zal zijn voet daarom extreem oppakken en ver naar voren plaatsen en wel zodanig dat eerst de achterkant (ballen) van de voet wordt belast en dan pas, voorzichtig, de rest van de voet.
Hoefbevangenheid komt veel vaker voor bij pony’s (alle rassen) dan bij paarden.bevangenstand2

Voor hoefbevangenheid zijn verschillende oorzaken aan te wijzen.

1. chronische nieraandoeningen Er wordt bijvoorbeeld glomerulo-nefritis aangetroffen. Wordt daarnaast necrose van het niermerg aangetroffen, wat nogal eens voorkomt,  dan wordt blijkbaar niet altijd even voorzichtig omgesprongen met NSAID’s zoals butasolidine en finadyne.
2. een direct op de hoef inwerkend trauma of overbelasting van de hoef
3. een secundair proces bij algemene ziektes, zoals endometritis (darmontsteking), veroorzaakt door bepaalde geneesmiddelen zoals corticosteroïden
4. fermentatiestoornissen  in het maagdarmkanaal  door ondeugdelijk voer, te snelle voerveranderingen
5. overmatig eten van een koolhydraat, bijvoorbeeld het eten van veel haver of paardenbrok, jong gras, appels onregelmatig voeren
6. stress en emotionele factoren kunnen de hoefbevangenheid bevorderen
7. een overmatige conditie (het paard is te dik) is een grote factor (insulineresistentie )
8. Insuline sesistentie  teveel aan suikers
9. een afwijkende hoefvorm
10. een verwaarloos
d beslag of een verkeerd aangepast beslag
11. een te harde of een te droge hoefwand
12. overbelasting…
te lange ritten, een ongetraind paard,  een kou pakken,
13. te lang kreupel staan bijv. op een been kreupel staan door nageltred, waarbij de paarden gaan liggen en koorts hebben, of bij het behandelen van straalkanker waarbij het paard aan een of meer benen langdurig kreupel is
14. nageboorte…de nageboorte is niet volledig afgekomen
15. ziekte…
langdurig koorts hebben
16. medicijnen
…een veelvoorkomende oorzaak is het gedurende lange tijd spuiten van corticosteroïden of andere langwerkende  preparaten
17. allergieën verschillende soorten allergieën kunnen hoefbevangenheid veroorzaken
18. giftige stoffen ook verdroogde zaden/ grassen / heesters die giftig zijn werken hoefbevangenheid in de hand
19. ongevallen
20. nageltred
vernageling van een niet passend of verkeerd ijzer
21. verwaarlozing
22. ziekte van Cushing. Tumor aan de hypofyse.          
 Zie ook Ziekte van Cushing.

 

Een traditioneel beeld van een zeer verbrede witte lijn, met als oorzaak de kanteling van het hoefbeen.
De witte lijn is ontstoken. Door de kantelling heeft de punt van het hoefbeen druk uitgeoefend op de zool. Hierdoor is een kneuzing ontstaan.
Om deze plaats te ontlasten, zal het paard achter op de verzenen gaan hangen, terwijl de achterbenen meer onder het paard worden geplaatst.

Het paard staat niet op zijn voeten, maar hangt in de hoornschoen

a3

het paard gaat bijna niet liggen om uit te rusten of  te slapen omdat het hoefbeen (1) innig is verbonden met de hoornwand (2) door middel van de hoornplaatjes en vleesplaatjes.

Doordat het paard in de hoornschoen hangt  (hoefbeen 1 is innig verbonden met hoornwand 2) is de hoornschoen een van de belangrijkste delen van de ondervoet geworden.
Tegenwoordig wordt veel te gemakkelijk omgegaan met de hoornschoen. Veel hoefsmeden vijlen na het bekappen van de hoornschoen een ronde kant onder de draagwand opdat er geen stukjes meer af kunnen, maar in werkelijkheid wordt de draagwand van de hoornschoen steeds zwakker en kan op den duur een kreupelheid ontstaan.

Is de verbondenheid (zwarte pijlen) verbroken door een a-septische ontsteking, dan zorgen de  krachten en het gewicht van het paard  ervoor dat het hoefbeen gaat roteren (of van de wand loslaat). Dan spreken we van een hoefbevangenheid.

Wat gebeurt er….a1

Het paard vertoont een hevige pijn. Het probeert de voorvoeten te ontlasten. De voorbenen worden voor de verticaal geplaatst. De achterbenen moeten de lichaamslast dragen. Hiervoor worden de benen onder de massa geplaatst.
Bij beweging wil het paard de benen naar voor houden. Het wil de verzenen het eerst belasten om zo het pijnlijke teengedeelte van de voet te ontlasten.
Het paard houdt zich met moeite staande en wil het liefst gestrekt gaan liggen. Het dier toont zijn enorme pijn en ellende. Het spant zich enorm. Het heeft een versnelde hartslag en hoge koorts.

De ontsteking bevindt zich in de wandlederhuid (met bloedvaten en zenuwen; rode lijn). Door de druk van het ontstekingsvocht zullen de plaatjes loslaten. Daardoor zal ook het hoefbeen, dat innig is verbonden met de hoornwand, loslaten: er ontstaat een rotatie (blauwe pijl).

De lederhuiden  worden afhankelijk van de plaats in de voet aangeduid als wandlederhuid, zoomlederhuid, straallederhuid, enzovoorts, maar zij vormen één geheel dat het inwendige van de hoef omsluit. In dat inwendige bevindt zich onder meer het hoefbeen. Dat hoefbeen ligt stevig ingebed in de hoeflederhuid (rode lijn). 
Aan het hoefbeen zitten twee pezen (paars :diepe buigpees / groen: oppervlakkige buigpees). Deze pezen oefenen een bepaalde samentrekkende spanning (‘tractie’) uit.  De pees die zijn aanhechtingspunt heeft aan de voorzijde van het hoefbeen, wordt de hoefbeenstrekker genoemd en de pees die aan de achterzijde van het hoefbeen vastzit, heet de hoefbeenbuiger.
De tractie van de hoefbeenstrekker is geringer dan die van de hoefbeenbuiger.
Hoefbeenstrekker en hoefbeenbuiger gezamenlijk houden in de gezonde voet het hoefbeen in de juiste stand.

MVC-715X1e fase pijlenLinks: (1e fase) Wanneer de hoeflederhuid gaat ontsteken, wordt het krachtenspel verstoord en kan het hoefbeen gaan kantelen (roteren) (gele pijl) omdat de hoefbeenbuiger er als het ware harder aan trekt (‘tractie’) dan de hoefbeenstrekker. bij deze fase is er nog weinig te merken.

Meestal is het paard een beetje sloom en stijf, hierbij word jammer genoeg weinig aandacht aan geschonken.

 

a7 (2e fase) De punt (voorzijde) van het hoefbeen gaat nu in de richting van de zool wijzen. De hoef voelt warm aan en het doet het paard duidelijk pijn wanneer de wand wordt beklopt of wanneer druk wordt uitgeoefend op de zool vóór de punt van de straal.

 

 

 

a10 (3e fase) De verbinding van het hoefbeen zal geheel los zijn van de hoornwand. Nu komt de volledige druk van het paard op de zool. Het paard zal gestrekt gaan liggen en krijgt hoge koorts.

In een verder stadium kan het paard in een nog ernstigere situatie terecht komen en kan het hoefbeen de zool doorboren. Men spreekt dan van een ‘zoolbreuk’.
Ook als het nog niet zover is, zal de patiënt door de veranderde stand van het hoefbeen de afwijkende manier van staan vertonen die hierboven is beschreven.  Van  de abnormale houding die het bevangen paard aanneemt, hebben de spieren veel te lijden. Dit alleen kan al ernstige gevolgen hebben.

 

 

Het hoefbeen (1) doorbreekt de zool (3) waardoor zich een totale ontstekingshaard  kan ontwikkelen. Tussen het hoefbeen (1) en de hoornwand (4) ontwikkelt zich een “vals” hoorn (necrose) (2) dat nog enig houvast kan betekenen voor het hoefbeen.  Deze situaties zijn bijna niet meer te redden.

Het hoefbeen kan ook horizontaal zakken. Dan spreken we van een “sincker”

 

Sincker

Bij een chronische hoefbevangenheid kan door de druk die het paard uitoefent, het hoefbeen verticaal door de schoen zakken, waarbij de kroonlederhuid naar binnen en naar beneden word getrokken (zie tekening).
Dit is een van de zeer ernstige vorm van hoefbevangenheid en zeer pijnlijk.
Deze vorm van hoefbevangenheid ontstaat meestal doordat te lang wordt gewacht met ingrijpen. Bij een sincker roteert het hoefbeen niet alleen, maar zakt het hoefbeen ook horizontaal in de hoornschoen.

Links: De leuning (bovenste deel van het hoefbeen) ligt op de hoogte van de kroonrand: een normale situatie.
Rechts: de leuning is duidelijk naar beneden getrokken en ligt nu onder de kroonrand. Dit zorgt ervoor dat de kiemlaag  (oorsprong van de hoornschoen) ook naar beneden word getrokken.

 

Links: een normale hoorngroei; de hoornschoen ontwikkelt zich vanaf een gezonde kiemlaag en groeit af langs het hoefbeen.

Rechts: De paarden die door deze fase komen, hebben een gedeformeerde hoorngroei. Dit wil zeggen dat de zoomlederhuid die voor de afgroei van de hoornwand  zorgt, deze hoornwand door de grote trekkracht van het hoefbeen niet met het hoefbeen laat afgroeien, maar in een horizontale lijn naar buiten laat groeien ( 1. Normale groei; 1a gedeformeerde groei)
In deze voet heeft zich een sincker voorgedaan. Inmiddels is er al 4 cm goede hoorngroei. Hierbij moet worden vermeld dat bij iedere beslagbeurt de onderschoen totaal wordt verwijderd zodat een rechte wand ontstaat.

Links: een voet met een sincker en een goede afgroei van ongeveer 3 cm. Een zeer diepe naar voor gegroeide groeiring is duidelijk zichtbaar.

Rechts: de voet na 8 weken beslag. De hoornwand dreigt onder de groeiring naar buiten uit te wijken.Ook een duidelijk gezakte kroonrand is zichtbaar.

 

Links: De hoornwand wordt bij iedere beslagbeurt rigoureus weggenomen. Bij een hoefbevangen voet moet ervoor worden gezorgd dat de voetas weer normaal wordt. Zodoende kan geen rekening worden gehouden met de hoornschoen.

Rechts: door deze dikte van de wand weg te nemen wordt de druk van de wand gereduceerd en ondervindt het paard geen hinder bij het voorwaarts bewegen van de voet.

 

Knolvoeten…

Knolvoeten worden door het niet goed behandelen van de voeten gecreëerd. Uiteraard zijn deze niet gewenst. Bij een paard of pony waarbij de wandgroei niet goed wordt begeleid of men niet durft in te grijpen ontstaat een knolvoet.
Een knolvoet belemmert het voorwaarts gaan in grote mate en leidt tot een verkeerde trekkracht bij de kroonrand.
Men moet bij knolvoetvorming resoluut de stand (volgens de voetas) herstellen tot een normaal model. Het is mogelijk dat daarbij het teengedeelte van de schoen moet worden verwijderd.

Resectie van de hoornwand

Resectie van de hoornwand (zwarte lijn) geeft het paard in de meeste gevallen een enorme opluchting omdat we de druk door het uittredende vocht geheel wegnemen. Bij het dun vijlen van de hoornwand zien we de witte lijn naar buiten uitpuilen. Dat betekent dat de druk van de ontstoken plaatjes zeer groot is. In sommige gevallen is het wegnemen van de totale hoornteenwand aan te raden. De zijwanden zullen bij een normale hoefbevangenheid sterk genoeg zijn om de druk te houden.

 

 

 

Als het teengedeelte wordt verwijderd, zien we behalve het bloed van de vleesplaatjes ook het ontstekingsvocht dat de druk in de hoornschoen veroorzaakt. Door deze druk weg te nemen wordt het paard ontlast en wordt de pijn veel minder.
De voet wordt geheel in een betadineverband gezet om zo de plaatjes uit te drogen en een fictieve wand te creëren.

 

 

 

DIERENMISHANDELING….

Hoefbevangenheid kan door een veelheid van oorzaken ontstaan. Een aantal oorzaken is onbekend. Zeker is wel dat het ene paard er veel vatbaarder voor is dan het andere. Dat neemt niet weg dat een aantal oorzaken direct samenhangt met de verzorging van het paard en de manier waarop ermee wordt gewerkt. Zo kan hoefbevangenheid een direct gevolg zijn van slecht beslag, te veel of te rijk voeren (suikers), plotselinge veranderingen in het voer of in het werk, te lang stappen of draven op de harde weg, het te laat afkomen van de nageboorte bij merries, vergiftiging, enzovoorts. Het is bijvoorbeeld bekend dat hoefbevangenheid optreedt als paarden of pony’s in een te rijke wei worden gezet. Voorkomen is altijd beter dan genezen, dus hier ligt een belangrijke verantwoordelijkheid bij de verzorger en de gebruiker. Komt hoefbevangenheid geregeld terug, dan moet zorgvuldig worden nagegaan wat daarvan de oorzaak kan zijn. De mogelijkheid van een allergische reactie op een bepaald voedermiddel of op een medicijn mag daarbij niet worden uitgesloten, maar meestal is er sprake van onjuist voeren of werken.  

 

Open teenijzer.

Leidt dit één keer tot hoefbevangenheid, dan is dat erg, maar meestal oplosbaar.
Leert men daar niets van en komt de hoefbevangenheid telkens terug, dan is sprake van regelrechte dierenmishandeling.

Links:Een grote oorzaak kan het onkundig aanleggen van hoefbeslag zijn of het niet juist bewerken van de voeten. Een hoefsmid moet precies weten wat hij doet en zeer goed op de hoogte zijn van de anatomie van de ondervoet. Is dit niet het geval dan kan het een desastreuze uitwerking hebben voor het dier.

Jammer genoeg  word het open teenijzer gepromoot door hoefsmeden of voorgeschreven door dierenartsen als therapeutisch beslag. Ze weten niet wat de consequenties zijn voor het dier.Uiteindelijk zal dit soort beslag de ondergang betekenen voor hert paard.

 

 

 

 

 

 

Open teenijzers, zoals boven afgebeeld, hebben veel meer nadelen dan voordelen.
1.De ijzers worden gewoon andersom onder de voet gelegd, waarbij de verzenen niet goed op het ijzer zullen passen.
2.De teen en zool van de voet worden niet beschermd.(witte cirkel
3.De takken zullen in de voet worden gedrukt.(rode pijlen0
4.Het gemakkelijk rollen word belemmerd.
5.De achterzijde van de voet wordt niet goed ondersteund.
6.Het is een voorbeeld van gemakzucht en niet kunnen smeden van deze afwijkende hoefijzers.
7.Dit beslag mondt uit op een regelrechte dierenmishandeling.


Het Hoofcare®break over hoefbeslag heeft zich in de jaren van onderzoek en gebruik zeer goed bewezen bij de behandeling van hoefbevangenheid en is niet meer weg te denken.

Voordelen van dit hoefbeslag;

1. Het pijnlijk teen gedeelte word van bodemdruk beschermd.
2. De zool word geheel ontlast.
3. De voet word gemakkelijker en zonder extra belasting naar voor afgerold.
4. Het brede teenstuk zorgt ervoor dat er geen belasting meer aanwezig is bij de punt van het hoefbeen.
voor verdere informatie……….

   zie ook Hoofcare®break over hoefbeslag.

 

Een zeer goede variant met betere kenmerken en die bescherming biedt aan de pijnlijke delen wordt hieronder getoond.


links en midden: Een normaal hoefijzer wordt ingesmeed in het teengedeelte; op dit ijzer kunnen de teenhoornwand en de zool niet dragen. Om het zoolgedeelte zoveel mogelijk te beschermen, wordt het ijzer breder gemaakt.
rechts: Bij de rode pijlen wordt het ijzer dunner gemaakt. De zijtakken ondersteunen de zijwanden van de hoornschoen.
De gele pijl geeft aan dat zelfs in dit ijzer een goede opzet zit, waardoor het bevangen dier zijn voet gemakkelijk en zonder tegenwerking naar voor kan brengen.

 

Links: Het ijzer wordt ruim en lang gelegd zonder teen of zijlippen, zodat de voet optimaal kan werken.
Midden: De teenhoornwand en de hoornzool liggen geheel vrij en worden tevens beschermd tegen de bodemdruk.(Je kunt tussen het ijzer en voet door kijken.)
Rechts: een beslag waarbij de voet  wordt beschermd. Er is een grote rolling in het teengedeelte. De stand en voetas kunnen beter worden hersteld.

Een beslag kan alleen maar een groot effect hebben als het aan alle eisen voldoet om de pijn te verlichten en de voet te beschermen. Zo’n beslag kan voor vele dieren een uitkomst bieden.

Dit beslag voldoet aan de volgende eisen:  er wordt druk gelegd op de achterste hoefhelft,
de zool wordt geheel ontlast,
de plaats waar het hoefbeen de zool raakt wordt geheel beschermd tegen
bodemdruk, en
de hoornwand kan indien nodig zonder probleem worden verwijderd.
                                  Paarden met een sincker reageren hierop zeer goed.
  
1. Het hoefijzer wordt geheel ingesmeed op de draagvlakte, zodat alleen de hoornwand op het ijzer draagt.
2. Tussen de uiteinden van de tak wordt een brede balk gelast op de ondervlakte van het hoefijzer zodat de hoornstraal deze balk niet kan raken.
3. Op de plaats van de rand van het hoefbeen wordt op de ondervlakte van het hoefijzer ook een balk gelast ter bescherming van deze pijnlijke plaats.
4. De achterste hoefhelft wordt volgespoten met Equitane-Hoofpak® (Dit product heeft een uithardingstijd van 10 seconden en vervormt daarna niet meer.)

 

Ook bij de achtervoet kan dit beslag worden toegepast.

 

 

 

 

Door de grote druk die het hoefbeen ondervindt kan de punt van het hoefbeen vervormen (zwarte pijlen). Deze bolling is na een hoefbevangenheid die is opgelost altijd op een röntgenfoto te zien. Deze bolling van de punt van het hoefbeen wordt aangeduid met de naam “hoedenrand effect”. 

 

 

Een vorm van regelrechte dierenmishandeling is dat een hoefbevangen paard haar veulen zo nog enige tijd voed. Ik wilde u deze foto niet onthouden daar wij deze taferelen nog teveel tegenkomen.

 beslag….

Ieder hoefbevangen paard is anders en verdient een andere oplossing. Altijd moet ervoor gezorgd worden dat het teengedeelte onder de zool zo min mogelijk wordt belast omdat daar de pijn het grootst is.
Er worden veel verschillende beslagen toegepast waarbij grote  vraagtekens kunnen worden gezet.
Het belangrijkste is dat met verschillende mensen wordt overlegd over de aanpak van een specifiek probleem.

Door een gebrek aan kennis gaat jammer genoeg veel fout bij een behandeling van hoefbevangen paarden en pony’s door hoefsmeden en dierenartsen.

De eigenaar van een hoefbevangen paard of pony krijgt al gauw te horen dat “er is toch niets meer aan te doen is”.
Niets is minder waar. Als de eigenaar alert is en zijn hoefsmid snel benadert, kan veel worden gered en veel leed worden voorkomen.
Na al de jaren dat we hoefbevangen paarden behandelen moeten we stellen dat de ziekte redelijk goed te behandelen is.